Cor L. Saud (43) is de nieuwe razende reporter voor Rotterdam. Cor (“Nee zelf niet hiero geboren, m’n lieve partner Happy Talghoort gelukkig wel”) zal diverse buurtgenoten interviewen over het wel & wee van de stad.
In de eerste plaats natuurlijk Happy (“Eigenlijk heet ik Hennie, maar m’n maatjes bij tafeltennis zijn soms jaloers op mn succes!”).
Verder zijn daar buurman Gus Wetz (“Als ze onze tienerzoon nou effe aan dat cameratoezicht koppelen, kunnen ze hem gelijk naar huis sturen as tie om twee uur s nachts nog over de Binnenweg loopt te zwalken!”) en kroegkennis Onno Verwinnelijk (“Vroeger had je van die fietsenstallingen in elke straat. Moest ik ’s-avonds zogenaamd m’n band plakken. Maar had ik daar met me meissie afgesproken! Zoenen achter de rekken, weetjewel! Toch jammer dat die weg zijn …”). Potteus stel Nina te Doen en Sjan Sondamoer bezien het Rotterdam van nu met een mengeling van trots en nostalgie. (“Die jongen van verderop, met die zwarte ogen, Mohamed of Ali, hoe heet-tie ook al weer, tante Bep uit de Sint Agathastraat zou met hem weglopen, ja toch?”)
Cor zal ook BeVeRs interviewen over hun werk, idealen en frustraties.
Als eerste is André Pols aan de beurt.
Cor: “Wat doe je nou zo de hele dag?”
André: “Wel, ‘s-morgens vroeg maak ik m’n rondje door de binnenstad. Kijken of er geen halfkapotte fietsen staan, of de vuilcontainers wel dicht waren. En dat bel ik dan door naar Gemeentewerken of de Roteb. Eenmaal thuis heeft moeder de vrouw koffie en dan ga ik achter de computer zitten. Rapportjes maken, foto’s doorsturen.”
Cor: “Verveelt dat nou niet?”
André: “Luister: een kapitein mag z’n schip niet in de steek laten! Iemand moet het toch doen! Bovendien heb ik soms last van m’n benen, dus dan is lopen het enige dat helpt. Nee zonder gekheid: Rotterdam is een mooie stad, maar die ambtenaren zitten achter hun bureau, ze kunnen niet alles zien. Dus wij actieve bewoners moeten ons steentje bijdragen aan de veiligheid en leefbaarheid. Daarvoor is de BeVeRgroep 10 jaar geleden ook opgericht!”
Cor: “En, helpt het ook een beetje?”
André: “Nou, vaak wel, met de vorige wethouder Bolsius had ik een goed contact. Ik heb honderden meldingen aan hem doorgegeven, en die werden snel opgelost. Met het nieuwe college was het even afwachten, maar de eerste kennismaking is wel geslaagd. Ik heb mevrouw Alexandra van Huffelen op een schouw meegenomen, om haar te laten zien hoe ik ‘van gevel tot gevel’ werk. Straatnaamborden, verkeerspalen … je moet overal op letten. Een schone stad zit hem in de kleine dingen!”
Cor: “Wat doet BeVeR nog meer?”
André: “We doen ook brieven en adviezen op papier opsturen naar de diensten. Dat doen de andere BeVeRs dan meer hoor: ik bemoei me niet meer met alles. Ze gaan dan bijvoorbeeld de metrostations bekijken, of die goed bijgehouden worden.”
Cor: “Heb je nog iets nieuws te melden?”
André: “Ja, ik ben eens gaan letten op de telefooncellen. Tegenwoordig heeft iedereen zo’n mobieltje, dus die groene driehoekdingen zijn eigenlijk niet meer zo nodig. Maar ze staan wel in de weg, en worden vernield. Nou zitten de deelgemeenten en de KPN een beetje op elkaar te wachten, wie ze weg moet halen of zo … Nou, wij bewoners zeggen gewoon: als ze maar weg zijn. Een straat zonder obstakels is veel mooier, toch?”
Een interessante Rotterdammer, die terecht de Erasmusspeld - en nog wel meer eremetaal - heeft gekregen , vindt Cor L. Saud.
Cor L. Saud
> Terug naar
Extra